Het innerlijke kind

spiraal.schelpSoms staat je van alles in de weg om helemaal jezelf te zijn en voluit te leven. De ervaringen van het innerlijke kind spelen daarbij een belangrijke rol. Misschien mocht je als kind niet boos worden, uitbundig zijn of huilen. Je moest flink zijn en je inhouden. Of je kreeg niet genoeg aandacht en liefde van je ouders.

In de eerste zes jaar van je leven vorm je als kind basale overtuigingen over jezelf en het leven. Een gekwetst kind ontwikkelt negatieve overtuigingen, zoals bijvoorbeeld: ‘Ik mag er niet zijn’, ‘Ik ben niet goed genoeg’ of ‘Ik ben niet om van te houden’. Wanneer een dergelijke overtuiging je leven voor een groot deel bepaalt, kun je somber, lusteloos, depressief of angstig worden. Dat kan je behoorlijk in de weg staan.

Werken met het innerlijke kind helpt je om met hinderlijke basisovertuigingen en gevoelens in contact te komen. In een veilige omgeving kun je de gebeurtenissen waardoor deze overtuigingen zijn ontstaan, een plaats geven. Met de wijsheid en de kracht die je nu als volwassene hebt, kun je zelf zorg dragen voor je innerlijke kind. Hierdoor kom je in contact met wie je werkelijk bent. Je raakt in balans, waardoor je meer rust, ontspanning en tevredenheid ervaart.